Waardering huurrecht: rekening houden met indexatie en metterwoonclausule

Een vrouw mag na het overlijden van haar partner levenslang in zijn woning blijven wonen voor € 500 per maand. De inspecteur merkt dit huurrecht aan als een fictieve erfrechtelijke verkrijging en legt een aanslag erfbelasting op. De vrouw vindt de waardering te hoog. Bij de berekening moet volgens haar rekening worden gehouden met toekomstige huurverhogingen én met het feit dat het huurrecht vervalt als zij verhuist. 

Levenslang woonrecht voor een prikkie

Een man en vrouw hebben een affectieve relatie, maar zijn niet getrouwd en hebben geen samenlevingscontract. De man bezit via zijn bv een woning. In 2007 ondertekenen zij een verklaring dat als de man overlijdt, de vrouw levenslang in de woning mag blijven voor € 500 per maand. De huurprijs is niet vatbaar voor verhogingen, maar mag wel geïndexeerd worden. De man overlijdt in 2021. De vrouw staat niet in zijn testament. De inspecteur ziet de huurverklaring als een schenking onder opschortende voorwaarde. Nu de man is overleden, is de voorwaarde vervuld. De schenking wordt daarom behandeld als een fictieve verkrijging krachtens erfrecht.

Hoe waardeer je zo’n recht?

De waarde van het huurrecht wordt berekend als een vruchtgebruik. De inspecteur gaat uit van een vaste huur van € 6.000 per jaar. De vrouw stelt dat rekening moet worden gehouden met indexatie. Door de indexatiemogelijkheid is de jaarlijkse huur onzeker. Op basis van de gemiddelde inflatie van de afgelopen tien jaar, komt zij uit op een geschat gemiddelde van € 6.942 per jaar. De rechtbank volgt haar. Een redelijke wetsuitleg brengt mee dat bij de waardering rekening wordt gehouden met het geschatte gemiddelde jaarbedrag, inclusief indexatie.

Verhuizen betekent einde huurrecht

De vrouw voert daarnaast aan dat het huurrecht minder waard is, omdat het vervalt zodra zij ergens anders gaat wonen. Dit heet een metterwoonclausule. De rechtbank is het daarmee eens. Uit de huurverklaring volgt dat het in beginsel levenslange huurrecht eindigt als de vrouw verhuist. Dat is een waardedrukkende factor. In navolging van eerdere rechtspraak stelt de rechtbank de waardevermindering op 25%. Het maakt daarbij niet uit dat het gaat om een persoonlijk recht en niet om een zakelijk recht zoals vruchtgebruik.

Bron:Rechtbank Noord-Holland| jurisprudentie| ECLI:NL:RBNHO:2026:1201| 10-03-2026

Actualiteiten

Consulente relatiebureau geen ondernemer

Consulente relatiebureau geen ondernemer

Een consulente sluit in 2011 een overeenkomst met een relatiebureau voor bemiddelingsdiensten, waarvoor zij een provisie ontvangt. Zij geeft haar inkomsten, variërend van € 11.705 (2016) tot € 17.023 (2019), aan als winst uit onderneming.

Lees meer
Btw volledig aftrekbaar dankzij oude afspraak

Btw volledig aftrekbaar dankzij oude afspraak

Een zorginstelling voor mensen met een verstandelijke beperking bouwt een nieuw complex met productieruimten. In die ruimten maken cliënten goederen voor de verkoop, zoals vogelhuisjes, tassen en bakkerijproducten. Ook verrichten zij diensten aan

Lees meer
Vereenvoudiging partnerbegrip Toeslagen

Vereenvoudiging partnerbegrip Toeslagen

Via het toeslagenstelsel wordt jaarlijks ruim € 20 miljard uitgekeerd aan circa 10 miljoen mensen in Nederland. Het stelsel is complex. De gevolgen van veranderingen in de leefsituatie op het recht op toeslagen zijn niet altijd te overzien.

Lees meer